Het verhaal over het gesmokkelde spek draait om Hubert Pelzer, een lid van de harmonie die binnen de vereniging bekendstond onder de bijnaam ‘Baröngsche’.

Kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog nam de harmonie deel aan een festival in België. Op de terugreis naar Nederland maakte Pelzer, die Es-bassist was, gebruik van de omvang van zijn instrument om goederen de grens over te krijgen. Hij verstopte een flink stuk spek binnenin zijn grote bas-instrument om het zo ongemerkt langs de douane te smokkelen.