André Kohnen, Peter Sparla, Jac Rombach en Jac Schoonbroodt stonden centraal bij het Ceciliafeest van 1987. Alle vier waren in 1947 begonnen en vierden veertig jaar trouw aan de harmonie.
Een generatie uit de wederopbouw
De kranten plaatsten het jubileum in de naoorlogse wederopbouw van de vereniging. De vier muzikanten behoorden tot een nieuwe generatie die het orkest na de oorlog mee vormgaf. Hun jubileum viel bovendien kort na het succesvolle concours in Limbricht.
André Kohnen en Peter Sparla
André Kohnen bespeelde na enkele jaren tuba vooral de grote bombardon. Hij was vijftien jaar bestuurslid en speelde van begin tot einde de baspartij in de Knapkapel.
Peter Sparla combineerde veertig jaar als waldhoornist met vijfendertig jaar als penningmeester. De aankondiging benadrukte hoeveel eigen oefening en doorlopend financieel werk achter die combinatie schuilgingen.
Jac Rombach en Jac Schoonbroodt
Jac Rombach was veertig jaar de fluitist van het orkest. Naast zijn muzikale werk had hij ongeveer vijf jaar als archivaris en instrumentbeheerder in het bestuur gezeten.
Jac Schoonbroodt had achtereenvolgens op bariton, schuiftrombone en de grote B-bas gespeeld. Ook hij verrichtte bestuurswerk. De krant waardeerde bij alle vier zowel hun muzikale bijdrage als hun organisatorische inzet.
Receptie en gezamenlijke hoogmis
Voor zaterdag 21 november was in hotel Suisse een receptie aangekondigd. Op zondag 22 november zou de harmonie samen met het Koninklijk Mannenkoor Cecilia 1837 de hoogmis in de St. Pauluskerk opluisteren. Daarna zouden beide verenigingen hun traditionele frühschoppen in het eigen lokaal houden.
Foto’s en affiches
Klik op een afbeelding om deze groter te bekijken.
Uit het krantenarchief
Herschreven op basis van de onderstaande oorspronkelijke krantenknipsels uit 1987.



