Bij het Ceciliafeest van 1960 stonden vijf jubilarissen en oud-dirigent N. Slangen centraal. De viering bracht kerkelijke muziek, een drukke receptie en een feestavond samen.

Vijf jubilea in de schijnwerpers

E. Recker en W. Recker vierden hun vijftigjarig lidmaatschap. L. Sparla en L. Mommers waren veertig jaar aan de harmonie verbonden; H. Mürer vierde zijn zilveren jubileum. De kranten lichtten hun uiteenlopende bijdragen toe: als instrumentalist, opleider, secretaris, archivaris en bestuurder.

Bij Mommers werd ook zijn inzet voor het behoud van instrumenten tijdens de oorlog genoemd. De verhalen tonen hoe het voortbestaan van de vereniging mede rustte op werk buiten repetities en concerten.

Eer voor N. Slangen

Naast de jubilarissen ontving oud-dirigent N. Slangen een bijzonder eerbetoon: het ere-dirigentschap van St. Cecilia. Voorzitter A. Gennisse bedankte hem voor zijn muzikale leiding en zijn aandeel in de wederopbouw van de harmonie na de bevrijding. Slangen nam de onderscheiding aan en riep vooral de jongeren op hun dirigent met enthousiasme en verenigingsliefde te steunen.

Van hoogmis naar feestzaal

De gezamenlijke viering met de M.Z.V. St. Cecilia begon met een plechtige hoogmis in de St. Pauluskerk. Het mannenkoor zong een mis van Perosi; de harmonie besloot de kerkelijke viering met een Andante. Tijdens de feestbijeenkomst werden twee nieuwe schellebomen aangeboden, mogelijk gemaakt door initiatiefnemers en gulle gevers.

Geestelijke en wereldlijke autoriteiten, verenigingen en andere belangstellenden kwamen feliciteren. De feestavond bood bijdragen uit eigen kring, waaronder de Knapkapel, en dansmuziek van The Music Boys. Ook donateur W. Gillissen werd voor vijfentwintig jaar steun bedankt.

Uit het krantenarchief

Opnieuw geschreven op basis van de onderstaande knipsels uit 1960.