De klarinet is een zwart instrument met veel zilveren kleppen erop. Een klarinet is een leuk instrument omdat je er veel verschillende soorten muziek op kunt spelen: - klassiek (in een orkest, met piano of met andere instrumenten samen), jazz, klezmer ( joodse muziek), zigeunermuziek... 

Het instrument kan heel donker en droevig klinken, heel warm en romantisch maar ook heel scherp en koud. Goede componisten kunnen precies die tonen van de klarinet gebruiken die bij de sfeer van het stuk passen. De klarinet heeft een groot bereik, dat betekent dat je van heel laag naar heel hoog kunt spelen en weer terug natuurlijk.

De allereerste klarinet leek veel op een blokfluit, die heb je vast wel eens gezien. Alleen het mondstuk was anders: het mondstuk van een blokfluit is kant en klaar: je kunt er zo op spelen. Bij de klarinet moet je er eerst een riet op binden. Dat riet is een doorgesneden stukje “bamboe” dat vanaf het midden van het houtje tot aan de punt heel dun wordt. Dat dunne gedeelte van het riet gaat trillen als je op het mondstuk blaast en zo ontstaat de toon. In de loop der eeuwen is het instrument verder ontwikkeld. Tegenwoordig is hij zeker twee maal zo lang als een blokfluit en met al die kleppen ziet hij er knap ingewikkeld uit.

Om klarinet te spelen moet je goed hard kunnen blazen. In het begin is het wat lastig om er een toon uit te halen en heb je het gevoel dat het ongelooflijk zwaar gaat. Maar als je er een beetje aan gewend bent, merk je dat het reuze meevalt. Als je het mondstuk precies goed in je mond houdt, komt de toon heel gemakkelijk.

Tenslotte is het leuk om te weten dat de klarinet gemaakt is van hout. Tegenwoordig gebruikt men meestal hardhout dat men zwart verft, vroeger werd er allerlei hout voor gebruikt: ebbenhout en buxushout bijvoorbeeld. 

\r\n

185 - Jaar de Moeziek

De kon. harmonie st. cecilia 1836 werd op 12 mei 1836 opgericht.