Kon. Harmonie St. Cecilia 1836 Vaals
Kon. Harmonie St. Cecilia 1836 Vaals
Kon. Harmonie St. Cecilia 1836 Vaals
Kon. Harmonie St. Cecilia 1836 Vaals
previous arrow
next arrow
Slider

“VRUIJ DIESJ NIT ÓP OONJELADE EIER”

Het is maandagmiddag 17 februari 15.10 uur. Een ploeg van 23 leden van de harmonie hebben van 10.00 uur tot dat tijdstip zaal, bühne, kleedkamers, foyer en archiefruimte in de “Obelisk” opgeruimd (tussendoor gesterkt door een door de directie van ZERA aangeboden uitgebreide lunch), zodanig dat er geen spoortje meer valt te ontdekken van 4 spectaculaire Hub Deitz Carnavalsrevues gedurende de 2 voorafgaande weekends.

De primeur van de digitale kaartverkoop, o.l.v. Rob Mehlkop en Roger Dautzenberg was vrijwel vlekkeloos verlopen en ruim 1800 bezoekers genoten van andermaal van een unieke revue met een geacteerd verhaal, muziek, zang, dans, vergezeld van bijpassende filmische en fotografische beelden van Eric Volders, Michael Wassermann en Mireille Prange op het grote decor-LED-scherm. Grote variatie in beeld en muziek, oogstrelende kostumering, aanstekelijke humor, het waren opnieuw de ingrediënten die de formule van de harmonie zo karakteriseren en waarvan het publiek zo zichtbaar en hoorbaar van geniet. Bijzonder is bovendien het feit, dat dit alles wordt uitgevoerd door wat president Jo Kern vol trots noemt “die grote moeziekfamilie”, waar steeds weer nieuwe talenten opstaan en ook jeugdleden/leerlingen vanaf het begin een plaats mogen innemen. Kortom, een volledig eigen productie tot en met de bezetting van de foodcorner en de garderobe, alles onder het motto: “In dit raderwerk is het kleinste radertje net zo belangrijk als de grote raderen”. “VRUIJ DIESJ NIT ÓP OONJELADE EIER” is het verhaal van hotel “Poetiek” van de familie Louise (Brigitte Pelzer) en oma Liesbeth Lampefieber (Ellen von Wintersdorff) met als enig personeelslid poetshulp Wilhelmine Sjwatsezeef (Manuela Crutzen). Het familiehotel is onderkomen geraakt omdat geldschieter de schatrijke oom Dagobertoes Dash uit Amerika (Huub Zegers) al enige tijd is gestopt met het overmaken van een geldelijke bijdrage. Het enige teken van leven is zo af en toe een foto van zijn ranch of van zijn vele reizen over de hele wereld. Maar oom Dagobertoes komt op zekere dag incognito poolshoogte nemen van het reilen en zeilen van het hotel en wat er met zijn geld is gedaan, onder de toepasselijke schuilnaam Wieliebert Weisjepolver. Door zijn armoedige voorkomen wordt hij niet bepaald vriendelijk ontvangen en behandeld en zijn hond “Sjmoetsie” wordt zelfs de toegang geweigerd; die moet maar in het tuingereedschaphok worden ondergebracht. Maar poetshulp Wilhelmine steekt daar vol medelijden een stokje voor en biedt “Sjmoetsie” onderdak op haar kamer. Dan melden zich ook nog Fiefie (Patricia Dassen) en Waldie (Jo Kern) Wiedeknieng (klemtoon niet op knieng maar op wie) met hun 14 kinderen (leden jeugdharmonie en leerlingen) , waardoor Wieliebert moet verhuizen naar de zolderkamer, door Louise penthouse genoemd. Voor Wieliebert is “d’r bók vèt” en hij vertrekt. Kort daarop komt per ansichtkaart de aankondiging van een bezoek van oom Dagobertoes zelf met begeleiding van zijn recente aanwinst de wat dommige vriendin Lolita (Sophie Walraven). Oom Dagobertoes stond bekend als “vrauwluutstruuëster”, die overal op zijn reizen wel een vrouwtje had (en wellicht “kèngsjer”). In allerijl wordt het hotel gerenoveerd en familie en personeel in sjiekere kleding gestoken (poetshulp Wilhelmine wordt piccolo en Louise Lampefieber promoveert tot “Frau von format”) om oom Dagobertoes passend en stijlvol te kunnen ontvangen. Oom en vriendin worden met champagne en kaviaar in de watten gelegd en zelfs hun hondje is vanzelfsprekend van harte welkom. Oom Dagobertoes heeft het al snel gezien en is “die vótekroeferij” al snel zat en hij vertrekt met Lolita en zet zijn reis door Europa voort. Enkele maanden gaan voorbij zonder een teken van leven van oom en zijn vriendinnetje. Totdat “d’r posbuul” (Bert Vandeberg) een aangetekend schrijven bezorgd, tot hun schrik een bericht van notaris Paolo Palaveri uit Venetië, waar oom Dagobertoes zijn testament heeft laten opmaken en waar hij enkele dagen geleden is overleden. De notaris nodigt de familie Lampefieber uit om in Venetië kennis te komen nemen van de inhoud van het testament. Louise Lampefieber (eerst diepbedroefd, dan vastberaden in Venetië grote rijkdom binnen te halen) vertrekt met grote verwachtingen naar Italië, terwijl oma Liesbeth nog waarschuwt: “VRUIJ DIESJ NIT ÓP OONJELADE EIER!”
Het tweede bedrijf begint op Jamaica, waar de nietsvermoedende zoon Jerry Wiesjiewasjie, “wasser-ies-loetsjer-verkeufer” (Huub Zegers), van de inheemse “posbuul” (Maurice Delnoye) ook een aangetekend schrijven van notaris Palaveri ontvangt en ook wordt uitgenodigd bij de opening van het testament aanwezig te zijn. En ook hij vertrekt naar Venetië, eerst volop dromend van ijskarren over heel Jamaica, maar dan weer met beide benen op de grond: “Vruij diesj nit óp oonjelade eier”. Dan verplaatst het toneel zich naar Engeland, naar Buckingham Palace in London, waar ook de butler van de Queen (Tanja Gouders), begeleid door haar Guards (de drumband van de harmonie), de van niets wetende dochter Elisabeth Whitewash (Ellen von Wintersdorff) van postman (Bert Vandeberg) een brief ontvangt van notaris Palaveri en zichzelf waarschuwend “Don’t look forward on unlayed eggs” eveneens op weg begeeft naar Venetië. Louise Lampefieber is inmiddels in Venetië aangekomen en stort zich na een romantisch tochtje met de gondel (een creatie van Jacques Pelzer) van de zingende gondoliëre (Henk Van den Berg) in het Venetiaanse karnaval. Na een Venetiaanse dans volgt het démasqué en dan blijkt ook poetshulp/piccolo Wilhelmine Sjwatsezeef als dochter een uitnodiging van de notaris te hebben ontvangen. Het gezelschap, inclusief vriendin Lolita, ontmoet elkaar uiteindelijk in het kantoor van notaris Palaveri, waar oom Dagobertoes via een videoboodschap nog enig uitleg geeft over zijn leven en over de inhoud van zijn testament. Belangrijke vraag blijkt zijn zorg over wie zich gaat bekommeren over zijn trouwe hondje “Sjmoetsie”. Iedereen is echter alleen maar geïnteresseerd in het kapitaal van oom en vader Dagobertoes: een ranch in Amerika met 50 hectare pindaplantage en een bankrekening van 87 miljoen Dollar. Alleen poetshulp/piccolo Wilhelmine wil de zorg voor “Sjmoetsie” wel graag op zich nemen, hetgeen door notaris Palaveri, onder getuigenis, wordt vastgelegd. De notaris leest het testament voor en tot schrik van iedereen gaat de hele erfenis naar zijn trouwe hondje “Sjmoetsie” en dus naar Wilhelmine. Het gezelschap druipt teleurgesteld en/of kwaad af. De laatste scéne speelt zich af in, wat inmiddels is geworden tot “Luxe Grand Hotel “Poetiek” met Welness de Luxe”, waar nu hotelier Wilhelmine Sjwatsezeef de scepter zwaait en Louise Lampefieber en Jerry Wiesjiewasjie het personeel vormen. Oma Liesbeth Lampefieber heeft het allemaal zien aankomen en is blij dat ze aan het hele circus niet heeft mee gedaan. Zij spreekt de wijze laatste woorden: “En wat hebben we hiervan geleerd?: “VRUIJ DIESJ ALZO NIE ÓP OONJELADE EIER!!”

Het muzikale repertoire o.l.v. dirigent Patrick Sporken

Eerste bedrijf
OUVERTURE: “HOTEL CALIFORNIA” (instrumentaal)
“DROMEN ZIJN BEDROG” (Maurice Delnoye)
“AL YOU NEED IS LOVE” (Brigitte Pelzer, Ellen von Wintersdorff, Manuela Crutzen)
“D’R WAUWAU” (Jertsje Bülles)
“KEDENG KEDENG/PER SPOOR” (John Pelzer)
“ITALIANO” (kok Benjamino Broccoli Henk Van den Berg)
“SMURFENLIED” (Ellen von Wintersdorff)
“QUERBEAT FETTES POTPOURRI” (CD) (dans jeugdleden, choreografie Maaike Cima)
“VAN HORCK VAN HORCK” (Henk Van den Berg) (dans choreografie Maaike Cima)
“ICH BIN EINE FRAU VON FORMAT” (Brigitte Pelzer)
“SCHÖCKELPÄÄD” (Marco Fröhling)
“OB BLOND OB BRAUN” (Henk Van den Berg)
“ALLES JOODE” (Marco Fröhling)
“MONEY MONEY” (Brigitte, Ellen, Manuela)
“SING SING” (instrumentaal)

Tweede bedrijf

OUVERTURE “CHAN CHAN” (instrumentaal)
“MOCKIN’BIRD HILL” (Huub Zegers)
“TUINTJE IN MIJN HART” (Huub Zegers + Maurice Delnoye)
“SAMBA DI JANEIRO” (instrumentaal) (dans, choreografie Maaike Cima)
“BELLA CIAO” (Marco Fröhling)
“GUARDS 150” (instrumentaal) (drumband o.l.v Roland Jaegers)
“POMP AND CIRCUMSTANCES” (John Pelzer + Henk Van den Berg)
“GENEET VAN ’T LEËVE” (John Pelzer)
“YOU NEVER WALK ALONE” (Maurice Delnoye)
“THAT’S AMORE” (Henk Van den Berg)
“VIVO PER LEI” (Brigitte Pelzer + Maurice Delnoye)
“GREAT THEMES FROM ITALIAN MOVIES” (instrumentaal) (dans, choreografie Maaike Cima)
“1000 TRÄUME WEIT” (Jertsje Bülles)
“WENN THE SAINTS” (instrumentaal)
“VOLS DOE BIS E DÖRP” (Henk Van den Berg + Jo Kern)

Het technisch draaiboek wordt iedere keer weer samengesteld door Marjo Zegers, die samen met Anja van Horck de regie achter de schermen verzorgde. Josée Langohr en Els Kremer tekenden weer voor de grime. Voor de debutanten Patricia Dassen en Sophie Walraeven was het de eerste (met succes gespeelde) rol in de revue, voor president Jo Kern was het de laatste keer op de bühne. De moeziek, bij monde van Huub Zegers, verraste hem met mooie dankwoorden en een prachtige collage van de vele rollen die hij de afgelopen 18 revues heeft gespeeld. Hij zal niet meer mee acteren, maar het schrijven zal blijven. Na de carnavalsdagen, waar de harmonie weer drie dagen acte de presence geeft, loopt het jaarprogramma van de harmonie “gewoon” door en de revuecommissie zal na de evaluatie van deze revue alweer snel de eerste voorbereidingen voor de editie van 2021 starten.